Verordening (EG) nr. 1646/2004 van de Commissie van 20 september 2004 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong (Voor de EER relevante tekst)
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2004/1646@2004-09-20/nl
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad van 26 juni 1990 houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong, en met name op de artikelen 6, 7 en 8,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Krachtens Verordening (EEG) nr. 2377/90 moeten geleidelijk maximumwaarden worden vastgesteld voor residuen van alle farmacologisch werkzame substanties die in de Gemeenschap worden gebruikt in aan voedselproducerende dieren toegediende geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik.
(2) Alvorens maximumwaarden voor residuen worden vastgesteld, moeten alle relevante gegevens betreffende de veiligheid van de residuen van de stof in kwestie voor de consument van levensmiddelen van dierlijke oorsprong, alsmede het effect van residuen op de industriële verwerking van de levensmiddelen, door het Comité voor geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik zijn onderzocht.
(3) Bij het vaststellen van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong dient te worden omschreven in welke diersoorten residuen mogen worden aangetroffen, welke concentraties daarvan in elk voor consumptie in aanmerking komend weefsel van een behandeld dier toelaatbaar zijn (te onderzoeken weefsel) en welk type residu voor de controle van de residuen van belang is (indicatorresidu).
(4) In verband met de verminderde beschikbaarheid van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik voor sommige voor de productie van levensmiddelen bestemde diersoorten kunnen op strikt wetenschappelijke basis met behulp van extrapolatiemethoden maximumwaarden voor residuen worden vastgesteld aan de hand van maximumwaarden voor residuen die voor andere diersoorten zijn vastgesteld.
(5) Voor de controle van residuen zoals door de desbetreffende communautaire wetgeving wordt voorgeschreven, zullen meestal maximumwaarden voor residuen in de te onderzoeken weefsels, de lever of de nieren, moeten worden vastgesteld. Lever en nieren worden echter vaak uit voor de internationale handel bestemde karkassen verwijderd en bijgevolg moeten ook steeds maximumwaarden voor residuen in spier- of vetweefsel worden vastgesteld.
(6) Wat geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik betreft die aan legpluimvee, melkvee of honingbijen worden toegediend, moeten ook maximumwaarden voor residuen in eieren, melk en honing worden vastgesteld.
(7) Albendazool, febantel, fenbendazool, oxfendazool, thiabendazool, oxyclozanide, amitraz, cypermethrin, deltamethrin en dexamethason moeten in bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 worden opgenomen.
(8) Er moet worden voorzien in een voldoende lange termijn alvorens deze verordening van kracht wordt, teneinde de lidstaten in staat te stellen om, met het oog op de bepalingen van deze verordening, eventueel de nodige aanpassingen aan te brengen in de reeds eerder overeenkomstig Richtlijn 2001/82/EG van het Europees Parlement en de Raad verleende vergunningen voor het in de handel brengen van de bedoelde geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik.
(9) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 wordt overeenkomstig de bijlage bij deze verordening gewijzigd.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. Zij is van toepassing vanaf de zestigste dag na haar bekendmaking.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 20 september 2004. Voor de Commissie Olli Rehn Lid van de Commissie
ANNEX
BIJLAGE 2.2.1.2.1.3.2.1.4.2.2.2.2.2.2.2.3.5.5.1.
De volgende stoffen worden opgenomen in bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2377/90: Antiparasitaire middelen Geneesmiddelen tegen endoparasieten Benzimidazolen en pro-benzimidazolen Farmacologisch werkzame substantie(s) Indicatorresidu Diersoorten Maximumwaarden voor residuen Te onderzoeken weefsels Albendazool Totaalgehalte aan albendazoolsulfoxide, albendazoolsulfon en albendazool-2-aminosulfon, uitgedrukt als albendazool Alle herkauwers 100 μg/kg Spier 100 μg/kg Vetweefsel 1000 μg/kg Lever 500 μg/kg Nieren 100 μg/kg Melk Febantel Som van de extraheerbare residuen die tot oxfendazoolsulfon geoxideerd kunnen worden Alle herkauwers 50 μg/kg Spier 50 μg/kg Vetweefsel 500 μg/kg Lever 50 μg/kg Nieren 10 μg/kg Melk Fenbendazool Som van de extraheerbare residuen die tot oxfendazoolsulfon geoxideerd kunnen worden Alle herkauwers 50 μg/kg Spier 50 μg/kg Vetweefsel 500 μg/kg Lever 50 μg/kg Nieren 10 μg/kg Melk Oxfendazool Som van de extraheerbare residuen die tot oxfendazoolsulfon geoxideerd kunnen worden Alle herkauwers 50 μg/kg Spier 50 μg/kg Vetweefsel 500 μg/kg Lever 50 μg/kg Nieren 10 μg/kg Melk Thiabendazool Totaalgehalte aan thiabendazool en 5-hydroxythiabendazool Geiten 100 μg/kg Spier 100 μg/kg Vetweefsel 100 μg/kg Lever 100 μg/kg Nieren 100 μg/kg Melk Fenolderivaten met inbegrip van salicylaniliden Farmacologisch werkzame substantie(s) Indicatorresidu Diersoorten Maximumwaarden voor residuen Te onderzoeken weefsels Oxyclozanide Oxyclozanide Alle herkauwers 20 μg/kg Spier 20 μg/kg Vetweefsel 500 μg/kg Lever 100 μg/kg Nieren 10 μg/kg Melk Geneesmiddelen tegen ectoparasieten Formamidines Farmacologisch werkzame substantie(s) Indicatorresidu Diersoorten Maximumwaarden voor residuen Te onderzoeken weefsels Amitraz Totaalgehalte aan amitraz en alle metabolieten die de 2,4-dimethylaniline-groep bevatten, uitgedrukt als amitraz Geiten 200 μg/kg Vetweefsel 100 μg/kg Lever 200 μg/kg Nieren 10 μg/kg Melk Pyretrine en pyrethroïden Farmacologisch werkzame substantie(s) Indicatorresidu Diersoorten Maximumwaarden voor residuen Te onderzoeken weefsels Cypermethrin Cypermethrin (som van de isomeren) Alle herkauwers 20 μg/kg Spier 200 μg/kg Vetweefsel 20 μg/kg Lever 20 μg/kg Nieren 20 μg/kg Melk Deltamethrin Deltamethrin Alle herkauwers 10 μg/kg Spier 50 μg/kg Vetweefsel 10 μg/kg Lever 10 μg/kg Nieren 20 μg/kg Melk Corticoïden Glucocorticoïden Farmacologisch werkzame substantie(s) Indicatorresidu Diersoorten Maximumwaarden voor residuen Te onderzoeken weefsels Dexamethason Dexamethason Geiten 0,75 μg/kg Spier 2 μg/kg Lever 0,75 μg/kg Nieren 0,3 μg/kg Melk