Besluit van de Raad van 30 april 2004 houdende wijziging van het besluit van 13 september 1999 tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid, en van het besluit van 13 september 1999 tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de plaatsvervangend secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie (2004/547/EG, Euratom)
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2004/547@2004-04-30/nl
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 207, lid 2,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, en met name op artikel 121, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Bij Verordening (EG, Euratom) nr. 723/2004 is Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 tot vaststelling van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van deze Gemeenschappen, gewijzigd.
(2) Bij Verordening (EG, Euratom) nr. 1292/2004 is enerzijds Verordening nr. 422/67/EEG, nr. 5/67/Euratom van de Raad van 25 juli 1967 tot vaststelling van de geldelijke regeling voor de voorzitter en de leden van de Commissie, de president, de rechters en de griffier van, alsmede de advocaten-generaal bij het Hof van Justitie, alsook van de president, de leden en de griffier van het Gerecht van eerste aanleg gewijzigd. Anderzijds is bij Verordening (EG, Euratom) nr. 1293/2004 Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 2290/77 van de Raad van 18 oktober 1977 tot vaststelling van de geldelijke regeling van de leden van de Rekenkamer gewijzigd.
(3) Het is bijgevolg dienstig wijzigingen aan te brengen in het besluit van de Raad van 13 september 1999 tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid, alsmede in het besluit van de Raad van 13 september 1999 tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de plaatsvervangend secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, teneinde die teksten aan te passen aan bovengenoemde wijzigingen,
BESLUIT:
Artikel 1
Het besluit van de Raad van 13 september 1999 tot de vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid, wordt als volgt gewijzigd:
1) In artikel 1, eerste alinea:
worden de woorden in rang A 1, laatste salaristrap vervangen door in rang 16, derde salaristrap;
wordt de volgende zin toegevoegd: Van 1 mei 2004 tot en met 30 april 2006 moeten de woorden in rang 16, derde salaristrap echter worden gelezen als in rang A*16, derde salaristrap..
2) Aan artikel 1, tweede alinea, wordt aan het einde van het artikel de volgende zinsnede toegevoegd: en artikel 17 van bijlage VII bij genoemd statuut is op hem van overeenkomstige toepassing..
Artikel 2
Het besluit van de Raad van 13 september 1999 tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de plaatsvervangend secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie wordt als volgt gewijzigd:
1) In artikel 1, eerste alinea,:
worden de woorden in de rang A 1, laatste salaristrap vervangen door in rang 16, derde salaristrap;
wordt de volgende zin toegevoegd: Van 1 mei 2004 tot en met 30 april 2006 moeten de woorden in rang 16, derde salaristrap echter worden gelezen als in rang A*16, derde salaristrap..
2) Aan artikel 1, tweede alinea, wordt aan het einde de volgende zinsnede toegevoegd: en artikel 17 van bijlage VII bij genoemd statuut is op hem van overeenkomstige toepassing..
Artikel 3
Dit besluit zal door de voorzitter van de Raad ter kennis worden gebracht van de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid, alsmede van de plaatsvervangend secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 30 april 2004. Voor de Raad De voorzitter B. Cowen