Beschikking van de Commissie van 4 april 2008 betreffende de niet-opneming van azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad en de intrekking van de toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die deze werkzame stoffen bevatten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 1187) (Voor de EER relevante tekst) (2008/296/EG)
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2008/296@2008-04-04/nl
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en met name op artikel 8, lid 2, vierde alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG bepaalt dat een lidstaat gedurende een periode van twaalf jaar na de kennisgeving van deze richtlijn mag toelaten dat gewasbeschermingsmiddelen die niet in bijlage I bij die richtlijn opgenomen werkzame stoffen bevatten en die twee jaar na de datum van kennisgeving van de richtlijn reeds op de markt zijn, op de markt worden gebracht terwijl deze stoffen in het kader van een werkprogramma geleidelijk worden onderzocht.
(2) Bij Verordening (EG) nr. 451/2000 en Verordening (EG) nr. 1490/2002 van de Commissie zijn gedetailleerde bepalingen vastgesteld ter uitvoering van de tweede en de derde fase van het in artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG vermelde werkprogramma.
(3) Azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron zijn stoffen die tot de derde fase van het programma behoren.
(4) De enige kennisgevers voor azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron hebben de Commissie respectievelijk op 25 januari 2007, 24 januari 2007 en 7 februari 2007 meegedeeld dat zij niet langer wensten deel te nemen aan het werkprogramma voor deze werkzame stoffen, en daarom zal geen verdere informatie worden verstrekt. Bijgevolg mogen deze werkzame stoffen niet worden opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG.
(5) De nodige maatregelen moeten worden genomen om erop toe te zien dat de bestaande toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die azocyclotin, cyhexatin of thidiazuron bevatten, binnen een voorgeschreven termijn worden ingetrokken en niet worden hernieuwd, en dat voor dergelijke producten geen nieuwe toelatingen worden verleend.
(6) Voor deze werkzame stoffen waarvoor slechts een korte termijn voor de intrekking van gewasbeschermingsmiddelen die deze stoffen bevatten is vastgesteld, is het redelijk maximaal twaalf maanden extra toe te staan voor de verwijdering, de opslag, het op de markt brengen of het gebruik van bestaande voorraden gewasbeschermingsmiddelen zodat de bestaande voorraden nog gedurende ten hoogste één extra groeiseizoen kunnen worden gebruikt. In gevallen waarin een langere termijn is vastgesteld, kan die periode worden verkort zodat deze aan het einde van het groeiseizoen afloopt.
(7) Deze beschikking laat de indiening van een aanvraag voor azocyclotin, cyhexatin of thidiazuron overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG met het oog op de eventuele opneming van deze stoffen in bijlage I onverlet.
(8) De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron worden niet in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG opgenomen.
Artikel 2
De lidstaten zien erop toe dat:
a) toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron bevatten, uiterlijk op 4 oktober 2008 worden ingetrokken;
b) met ingang van 5 april 2008 geen azocyclotin, cyhexatin en thidiazuron bevattende gewasbeschermingsmiddelen meer worden toegelaten en geen toelatingen voor dergelijke gewasbeschermingsmiddelen meer worden hernieuwd op grond van de in artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG vastgestelde afwijkingsbepalingen.
Artikel 3
Eventuele extra termijnen die door de lidstaten overeenkomstig artikel 4, lid 6, van Richtlijn 91/414/EEG worden toegestaan, moeten zo kort mogelijk zijn en moeten uiterlijk op 4 oktober 2009 aflopen.
Artikel 4
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 4 april 2008. Voor de Commissie Androulla Vassiliou Lid van de Commissie