Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 21 oktober 2013 tot wijziging van deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG van de Raad wat betreft het model van het gezondheidscertificaat voor dieren van bedrijven (Kennisgeving geschied onder nummer C(2013) 6719) (Voor de EER relevante tekst) (2013/518/EU)
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2013/518@2013-10-21/nl
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 92/65/EEG van de Raad van 13 juli 1992 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer in de Gemeenschap van dieren, sperma, eicellen en embryo’s waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving als bedoeld in bijlage A, onder I, van Richtlijn 90/425/EEG geldt, en met name artikel 22, eerste alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) In artikel 10 van Richtlijn 92/65/EEG zijn de veterinairrechtelijke voorschriften vastgelegd waaraan honden, katten en fretten moeten voldoen om te worden toegelaten tot het handelsverkeer in de EU. Hierin is onder meer bepaald dat die dieren moeten voldoen aan de voorwaarden van artikel 6 en, indien van toepassing, van artikel 7 van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 998/2003.
(2) In artikel 6 van Verordening (EU) nr. 576/2013 is onder meer bepaald dat die dieren vergezeld moeten gaan van een identificatiedocument in de vorm van een paspoort dat overeenkomstig een door de Commissie goed te keuren model is vastgesteld. Het model voor dat paspoort is vastgesteld in bijlage III bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie van 28 juni 2013 inzake de modelidentificatiedocumenten voor het niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten, de vaststelling van de lijsten van derde landen en gebieden en de voorschriften betreffende de vorm, de opmaak en de taal van de verklaringen ten bewijze van de naleving van bepaalde voorwaarden die zijn vastgelegd in Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad.
(3) In artikel 7 van Verordening (EU) nr. 576/2013 is bepaald dat de lidstaten het niet-commerciële verkeer naar hun grondgebied vanuit een andere lidstaat van jonge honden, katten en fretten die niet tegen rabiës zijn gevaccineerd, of tegen rabiës zijn gevaccineerd maar nog niet de beschermende immuniteit tegen die ziekte hebben verkregen, onder bepaalde voorwaarden kunnen toestaan. Wanneer zij een dergelijk verkeer toestaan, moeten de lidstaten het publiek hiervan via internetpagina’s in kennis stellen en de Commissie vermeldt op haar internetpagina de links die voor handelsdoeleinden kunnen worden gebruikt.
(4) Daarnaast is in artikel 10 van Richtlijn 92/65/EEG bepaald dat honden, katten en fretten vergezeld moeten gaan van een gezondheidscertificaat volgens het model in deel 1 van bijlage E bij die richtlijn.
(5) Naar aanleiding van de intrekking van Verordening (EG) nr. 998/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 inzake veterinairrechtelijke voorschriften voor het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren en houdende wijziging van Richtlijn 92/65/EEG van de Raad door Verordening (EU) nr. 576/2013 dient het model van dat gezondheidscertificaat te worden gewijzigd om de verwijzingen naar Verordening (EG) nr. 998/2003 te vervangen door verwijzingen naar Verordening (EU) nr. 576/2013.
(6) Het in deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG vastgelegde gezondheidscertificaat houdt rekening met Verordening (EU) nr. 388/2010 van de Commissie van 6 mei 2010 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 998/2003 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het maximumaantal gezelschapsdieren van bepaalde soorten die onder niet-commercieel verkeer kunnen vallen, waarin is bepaald dat de in Richtlijn 92/65/EEG vastgelegde eisen en controles van toepassing zijn op het vervoer van meer dan vijf gezelschapsdieren wanneer de dieren naar een lidstaat worden vervoerd uit een andere lidstaat of uit een in bijlage II, deel B, afdeling 2, van Verordening (EG) nr. 998/2003 vermeld derde land.
(7) De in Verordening (EU) nr. 388/2010 vastgelegde voorschriften zijn herzien en opgenomen in Verordening (EU) nr. 576/2013. In het model van het gezondheidscertificaat zoals vastgesteld in deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG moeten de verwijzingen naar Verordening (EU) nr. 388/2010 daarom worden geschrapt.
(8) Richtlijn 92/65/EEG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.
(9) Om te vermijden dat het handelsverkeer wordt onderbroken, moet het gebruik van gezondheidscertificaten die overeenkomstig deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG zijn afgegeven voordat dit besluit in werking is getreden, gedurende een overgangsperiode onder bepaalde voorwaarden worden toegestaan.
(10) Dit besluit moet van toepassing zijn vanaf de toepassingsdatum van Verordening (EU) nr. 576/2013.
(11) De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Gedurende een overgangsperiode tot en met 29 april 2015 mogen de lidstaten de handel toestaan in honden, katten en fretten van bedrijven die vergezeld gaan van een uiterlijk op 28 december 2014 uitgegeven gezondheidscertificaat overeenkomstig de versie van het vóór de bij dit besluit doorgevoerde wijzigingen in deel 1 van bijlage E bij Richtlijn 92/65/EEG vastgestelde model.
Artikel 3
Dit besluit is van toepassing met ingang van 29 december 2014.
Artikel 4
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 21 oktober 2013. Voor de Commissie Tonio Borg Lid van de Commissie
ANNEX
BIJLAGE
Deel 1 — Gezondheidscertificaat voor de handel in dieren van bedrijven (hoefdieren, tegen aviaire influenza gevaccineerde vogels, lagomorfen, honden, katten en fretten) 92/65 EI Deel I: Gegevens betreffende de zending EUROPESE UNIE Certificaat voor de handel binnen de EU I.1. Verzender Naam Adres Postcode I.2. Referentienummer certificaat I.2.a. Lokaal referentienummer I.3. Bevoegde centrale autoriteit I.4. Bevoegde lokale autoriteit I.5. Geadresseerde Naam Adres Postcode I.6. Nummer(s) van bijbehorende originele certificaten Nummer(s) van de begeleidende documenten: I.7. I.8. Land van oorsprong ISO-code I.9. Regio van herkomst Code I.10. Land van bestemming ISO-code I.11. Regio van bestemming Code I.12. Plaats van oorsprong Bedrijf Naam Erkennings-/registratienummer Adres Postcode I.13. Plaats van bestemming Bedrijf Inrichting Erkende instelling Naam Erkenningsnummer Adres Postcode I.14. Plaats van lading Postcode I.15. Datum en uur van vertrek I.16. Vervoermiddelen Vliegtuig Vaartuig Treinwagon Wegvoertuig Andere Identificatie I.17. Vervoerder Naam Erkenningsnummer Adres Postcode I.18. Omschrijving van de goederen I.19. Productcode (GN-code) I.20. Hoeveelheid I.21. I.22. Aantal verpakkingen I.23. Zegelnummer/Containernummer I.24. I.25. Goederen gecertificeerd voor: Fokken Productie Kunstmatige reproductie Slacht Gezelschapsdieren Erkende instelling I.26. Doorvoer door een derde land Derde land ISO-code Punt van uitgang Code Punt van binnenkomst Nummer GIP I.27. Doorvoer door de lidstaten Lidstaat ISO-code Lidstaat ISO-code Lidstaat ISO-code I.28. Uitvoer Derde land ISO-code Punt van uitgang Code I.29. Geschatte duur van het vervoer I.30. Reisschema Ja Neen I.31. Identificatie van de goederen Soort (wetenschappelijke benaming) Identificatiesysteem Identificatienummer Paspoortnummer Geslacht Leeftijd Hoeveelheid Deel II: Certificering EUROPESE UNIE 92/65 EI Dieren van bedrijven (hoefdieren, vogels (2), lagomorfen, honden, katten en fretten) II. Informatie over de gezondheid II.a. Referentienummer certificaat II.b. Ondergetekende, officieel dierenarts (1)/dierenarts die verantwoordelijk is voor het bedrijf van oorsprong en die erkend is door de bevoegde autoriteit (1), verklaart hetgeen volgt: II.1. de in vak I.31 omschreven dieren voldoen aan de voorwaarden van artikel 4 van Richtlijn 92/65/EEG van de Raad en waren op het tijdstip van inspectie geschikt om voor de geplande reis te worden vervoerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad. (1) hetzij [II.2. de herkauwer(s) (1)/Suidae (1) die niet onder Richtlijn 64/432/EEG van de Raad (1) of Richtlijn 91/68/EEG van de Raad (1) valt (vallen) a) behoort (behoren) tot de soort …; b) vertoonde(n) bij onderzoek geen klinische verschijnselen van een ziekte waarvoor het dier (de dieren) gevoelig is (zijn); c) is (zijn) afkomstig van een officieel vrij van tuberculose (1)/officieel vrij van brucellose (1) of vrij van brucellose (1) zijnd beslag (1)/bedrijf (1) waarvoor geen beperkingen in verband met varkenspest gelden of van een bedrijf waar het dier/de dieren met negatief resultaat de tests bedoeld in artikel 6, lid 2, onder b) (1)/de test bedoeld in artikel 6, lid 3, onder d) (1) van Richtlijn 92/65/EEG van de Raad heeft/hebben ondergaan.] (1) (2) hetzij [II.2. de vogels, andere dan bedoeld in Richtlijn 2009/158/EG van de Raad, a) vertoonden bij onderzoek geen klinische verschijnselen van een ziekte waarvoor zij gevoelig zijn; b) voldoen aan de voorschriften van artikel 7 van Richtlijn 92/65/EEG van de Raad; c) voldoen aan Beschikking 2007/598/EG van de Commissie, zijn tegen aviaire influenza gevaccineerd op … (datum) met het vaccine … (naam) en zijn afkomstig van een bedrijf waar in de afgelopen twaalf maanden tegen aviaire influenza is gevaccineerd.] (1) hetzij [II.2. de lagomorfen a) vertoonden bij onderzoek geen klinische verschijnselen van een ziekte waarvoor zij gevoelig zijn; b) voldoen aan de voorschriften van artikel 9 van Richtlijn 92/65/EEG van de Raad.] (1) hetzij [II.2. de honden a) vertoonden ten tijde van het onderzoek door een daartoe door de bevoegde autoriteit gemachtigde dierenarts binnen 48 uur vóór het tijdstip van verzending geen tekenen van ziekten; b) zijn gemerkt overeenkomstig artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad; (1) hetzij [c) waren ten tijde van de rabiësvaccinatie ten minste twaalf weken oud en er zijn ten minste 21 dagen verstreken sinds de voltooiing van de primaire vaccinatie tegen rabiës, die is uitgevoerd overeenkomstig de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad en eventuele latere herhalingsvaccinaties zijn uitgevoerd binnen de geldigheidstermijn van de vorige vaccinatie; (1) hetzij [c) zijn minder dan twaalf weken oud en hebben nog geen rabiësvaccin gekregen, of zijn tussen 12 en 16 weken oud en hebben een rabiësvaccin gekregen maar er zijn nog geen 21 dagen verstreken sinds de voltooiing van de primaire vaccinatie tegen rabiës overeenkomstig de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad], en i) de lidstaat van bestemming heeft het publiek er overeenkomstig artikel 37, lid 2, onder b), van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad van in kennis gesteld dat hij het verkeer van dergelijke dieren op zijn grondgebied toelaat; en zij gaan vergezeld van (1) hetzij [ii) een aan dit certificaat gehechte verklaring van de eigenaar (3), dat de dieren van de geboorte tot het tijdstip van verzending niet in contact zijn gekomen met voor rabiës vatbare wilde dieren]; (1) hetzij [ii) het moederdier, waarvan zij nog afhankelijk zijn, en uit het paspoort van het moederdier kan worden vastgesteld dat het moederdier voor de geboorte van de dieren een rabiësvaccin heeft toegediend gekregen dat voldeed aan de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad; EUROPESE UNIE 92/65 EI Dieren van bedrijven (hoefdieren, vogels (2), lagomorfen, honden, katten en fretten) II. Informatie over de gezondheid II.a. Referentienummer certificaat II.b. d) gaan vergezeld van een paspoort dat is opgesteld overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie; (1) en [e) zijn, gezien de geplande bestemming van de dieren die is vermeld in vak I.10, of in vak I.11 wanneer regionalisering wordt toegepast, behandeld tegen Echinococcus multilocularis overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1152/2011 van de Commissie];] (1) hetzij [II.2. de katten (1)/fretten (1) a) vertoonden ten tijde van het onderzoek door een daartoe door de bevoegde autoriteit gemachtigde dierenarts binnen 48 uur vóór het tijdstip van verzending geen tekenen van ziekten; b) zijn gemerkt overeenkomstig artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad; (1) hetzij [c) waren ten tijde van de rabiësvaccinatie ten minste twaalf weken oud en er zijn ten minste 21 dagen verstreken sinds de voltooiing van de primaire vaccinatie tegen rabiës, die is uitgevoerd overeenkomstig de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad en eventuele latere herhalingsvaccinaties zijn uitgevoerd binnen de geldigheidstermijn van de vorige vaccinatie]; (1) hetzij [c) zijn minder dan twaalf weken oud en hebben nog geen rabiësvaccin gekregen, of zijn tussen 12 en 16 weken oud en hebben een rabiësvaccin gekregen maar er zijn nog geen 21 dagen verstreken sinds de voltooiing van de primaire vaccinatie tegen rabiës overeenkomstig de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad, en i) de lidstaat van bestemming heeft het publiek er overeenkomstig artikel 37, lid 2, onder b), van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad van in kennis gesteld dat hij het verkeer van dergelijke dieren op zijn grondgebied toelaat; en zij gaan vergezeld van (1) hetzij [ii) een aan dit certificaat gehechte verklaring van de eigenaar (3) dat de dieren van de geboorte tot het tijdstip van verzending niet in contact zijn gekomen met voor rabiës vatbare wilde dieren]; (1) hetzij [ii) het moederdier, waarvan zij nog afhankelijk zijn, en uit het paspoort van het moederdier kan worden vastgesteld dat het moederdier voor de geboorte van de dieren een rabiësvaccin heeft toegediend gekregen dat voldeed aan de geldigheidsvoorschriften van bijlage III bij Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad]; d) gaan vergezeld van een paspoort dat is opgesteld overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie;] (1) hetzij [II.2. de honden (1)/katten (1)/fretten (1) zijn bestemd voor een in vak I.13 omschreven instelling die of instituut of centrum dat overeenkomstig bijlage C bij Richtlijn 92/65/EEG van de Raad is erkend, en a) vertoonden ten tijde van het onderzoek door een daartoe door de bevoegde autoriteit gemachtigde dierenarts binnen 48 uur vóór het tijdstip van verzending geen tekenen van ziekten; b) zijn gemerkt overeenkomstig artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad; c) gaan vergezeld van een paspoort dat is opgesteld overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie.] II.3. De aanvullende garanties ten aanzien van de in bijlage B (4) bij Richtlijn 92/65/EEG van de Raad vermelde ziekten zijn als volgt (1): Ziekte Besluit Ziekte Besluit Ziekte Besluit Opmerkingen Deel I: Vak I.6: Nummer(s) van de begeleidende documenten: Cites, indien van toepassing. Vak I.19: Gebruik de juiste GN-code: 01 06 19, 01 06 31, 01 06 32, 01 06 39. Vak I.31: Identificatiesysteem: de dieren moeten zoveel mogelijk individueel geïdentificeerd zijn, maar voor kleine dieren kan worden volstaan met identificatie van de partij. Kies voor honden, katten en fretten „paspoort”. Identificatienummer: vermeld voor honden, katten en fretten de alfanumerieke code van de tatoeage of de transponder. Paspoortnummer: vermeld voor honden, katten en fretten de unieke alfanumerieke code van het paspoort. EUROPESE UNIE 92/65 EI Dieren van bedrijven (hoefdieren, vogels (2), lagomorfen, honden, katten en fretten) II. Informatie over de gezondheid II.a. Referentienummer certificaat II.b. Deel II: (1) Doorhalen wat niet van toepassing is. (2) De certificatievoorschriften gelden alleen voor vogels die in het kader van een bij Beschikking 2007/598/EG van de Commissie goedgekeurd programma voor preventieve vaccinatie zijn ingeënt tegen aviaire influenza. (3) De verklaring waarnaar in punt II.2 wordt verwezen en die moet worden vastgehecht aan het certificaat, wordt overeenkomstig bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie opgesteld. (4) Op verzoek van een lidstaat die krachtens de EU-regelgeving aanvullende garanties kan eisen. De kleur van het stempel en de handtekening moet verschillen van de kleur van de andere gegevens op het certificaat. Dit certificaat is tien dagen geldig vanaf de datum van ondertekening door de officiële dierenarts of dierenarts die verantwoordelijk is voor het bedrijf van oorsprong en die erkend is door de bevoegde autoriteit. Officieel dierenarts Naam (in blokletters): Hoedanigheid en titel: Lokale veterinaire eenheid: Nummer van de LVE: Datum: Handtekening: Stempel: