Gelex

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 599/2013 van de Commissie van 24 juni 2013 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 578/2010 wat betreft de bedragen van de restituties voor niet door certificaten gedekte uitvoer van bepaalde landbouwproducten in de vorm van goederen die niet onder bijlage I bij het Verdrag vallen, en de mededeling van bepaalde daarmee verband houdende gegevens door de lidstaten

In forceVersion 2013-06-24from 2013-07-15
Grade B

mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.

Ask Gelex about this law

Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2013/599@2013-06-24/nl

Contents
  1. Preamble
    1. Artikel 1
  2. Artikel 1
  3. 3)
    1. Artikel 53 bis
    1. Artikel 2

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1216/2009 van de Raad van 30 november 2009 tot vaststelling van de handelsregeling voor bepaalde, door verwerking van landbouwproducten verkregen goederen, en met name artikel 8, lid 3, eerste alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Verordening (EU) nr. 578/2010 van de Commissie van 29 juni 2010 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1216/2009 van de Raad, met betrekking tot de regeling aangaande de toekenning van restituties bij uitvoer van bepaalde landbouwproducten, uitgevoerd in de vorm van goederen die niet onder bijlage I bij het Verdrag vallen, en de criteria voor de vaststelling van de restitutiebedragen bepaalt dat kleine exporteurs zijn vrijgesteld van de verplichting tot het overleggen van een restitutiecertificaat tot aan op individueel en op globaal niveau vastgestelde totaalbedragen. Zij bepaalt ook de Commissie in kennis moet worden gesteld van aangevraagde restitutiecertificaten en — in sommige gevallen — van afgegeven restitutiecertificaten.

(2) De recente daling van de uitvoerrestituties als gevolg van het gecombineerde effect van de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en de gestegen prijzen van landbouwproducten op de wereldmarkt hebben ertoe geleid dat er weinig tot geen aanvragen om restitutiecertificaten worden ingediend, waardoor de druk op de EU-begroting voor uitvoerrestituties voor goederen die niet onder bijlage I bij het Verdrag vallen, is verminderd. Voor zover de Unie haar internationale verplichtingen niet dreigt te schenden, dient de regeling aangaande de toekenning van restituties bij uitvoer van bepaalde landbouwproducten, uitgevoerd in de vorm van goederen die niet onder bijlage I bij het Verdrag vallen, te worden vereenvoudigd om zo de administratieve lasten voor marktdeelnemers die deze goederen uitvoeren, te verlichten.

(3) Daarom dient de betalingsdrempel waaronder kleine exporteurs worden vrijgesteld van het indienen van een restitutiecertificaat op individueel en op globaal niveau, te worden verhoogd. Tevens dient de verplichting voor de bevoegde autoriteiten van de lidstaten om de bedragen van de aangevraagde restitutiecertificaten mee te delen, te worden opgeschort indien de restituties die van toepassing zijn op alle basisproducten, zijn opgeschort, niet zijn vastgesteld dan wel gelijk zijn aan nul, evenals de verplichting om bepaalde afgegeven restitutiecertificaten mee te delen indien er geen restitutiecertificaten zijn afgegeven; indien het geen bedragen betreft, dient ook de verplichting om bepaalde gegevens mee te delen om de werking en het beheer van het systeem van restitutiecertificaten te garanderen en de Commissie ervan in kennis te stellen dat geen bedragen zijn toegekend, te worden opgeschort.

(4) Verordening (EU) nr. 578/2010 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(5) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor horizontale vraagstukken inzake het handelsverkeer in verwerkte landbouwproducten die niet onder bijlage I bij het Verdrag vallen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EU) nr. 578/2010 wordt als volgt gewijzigd:

1) Artikel 42, lid 1, wordt vervangen door:

1. Certificaten zijn niet vereist voor uitvoer waarvoor aanvragen die de marktdeelnemer tijdens het begrotingsjaar indient, niet leiden tot betaling van meer dan 200000 EUR..

2) Artikel 43, lid 1, wordt vervangen door:

1. Voor elke begrotingsperiode komt de in artikel 42, lid 1, bedoelde uitvoer voor betaling van een restitutie in aanmerking binnen de grenzen van een totale reserve van 80 miljoen EUR voor elk begrotingsjaar..

3) Het volgende artikel 53 bis wordt ingevoegd:

Artikel 1

3)

Artikel 53 bis

1. Indien de restitutie die van toepassing is op alle in bijlage I vermelde basisproducten, tijdens een van de in artikel 29, lid 1, onder a) tot en met f), bedoelde perioden is opgeschort, niet is vastgesteld dan wel gelijk is aan nul, wordt de verplichting tot kennisgeving voor de lidstaten in verband met die periode als bedoeld in artikel 30 en artikel 34, lid 2, opgeschort.

2. Indien tijdens de in artikel 51, lid 1, onder c) en d), bedoelde perioden geen restitutiecertificaten werden afgegeven, wordt de verplichting tot kennisgeving voor de lidstaten als bedoeld in artikel 51, lid 1, onder c) en d), opgeschort.

3. Indien het geen bedragen betreft, wordt de verplichting tot kennisgeving voor de lidstaten zoals vastgelegd in artikel 51, lid 1, onder a) en b), artikel 51, lid 2, artikel 52 en de eerste zin van artikel 53, en de verplichting om mee te delen dat geen bedragen zijn toegekend, als bedoeld in de tweede zin van artikel 53, opgeschort..

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 24 juni 2013. Voor de Commissie De voorzitter José Manuel Barroso

Versions

  1. 2013-06-24