Gelex

Besluit van de Commissie van 17 december 2013 betreffende de kennisgeving door het Koninkrijk Spanje van een nationaal plan voor de overgangsfase als bedoeld in artikel 32 van Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad inzake industriële emissies (Kennisgeving geschied onder nummer C(2013) 9089) (Slechts de tekst in de Spaanse taal is authentiek) (2013/799/EU)

In forceVersion 2013-12-17from 2013-12-18
Grade B

mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.

Ask Gelex about this law

Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2013/799@2013-12-17/nl

Contents
  1. Preamble
    1. Artikel 1
    2. Artikel 2
  2. ANNEX
  3. BIJLAGE I LIJST VAN DE IN HET TNP OPGENOMEN INSTALLATIES
  4. BIJLAGE II LIJST VAN DE IN ARTIKEL 1, LID 2, ONDER E), BEDOELDE GEGEVENS 1.2.3.

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging), met name artikel 32, lid 5, tweede alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Overeenkomstig artikel 32, lid 5, eerste alinea, van Richtlijn 2010/75/EU heeft het Koninkrijk Spanje een nationaal plan voor de overgangsfase (transitional national plan — TNP) bij de Commissie ingediend, per e-mail op 21 december 2012 en bij officieel schrijven van 28 december 2012, dat door de Commissie werd ontvangen op 2 januari 2013.

(2) Het TNP is beoordeeld overeenkomstig artikel 32, leden 1, 3 en 4, van Richtlijn 2010/75/EU en overeenkomstig Uitvoeringsbesluit 2012/115/EU van de Commissie.

(3) Bij de beoordeling van de volledigheid van het door het Koninkrijk Spanje ingediende TNP heeft de Commissie vastgesteld dat veel in het TNP opgenomen installaties niet overeenkwamen met de installaties in de emissie-inventaris van 2009 die het Koninkrijk Spanje had ingediend overeenkomstig Richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad. Verder stelde de Commissie vast dat de bijdrage van installatie 5 aan het TNP-plafond voor SO2 voor de periode 2001-2007 werd berekend op basis van het minimumpercentage voor ontzwaveling en voor de periode 2008-2010 aan de hand van de emissiegrenswaarde, hoewel de gebruiksvoorwaarden van deze methode niet waren vervuld.

(4) Aangezien de verschillen tussen de gegevens in het TNP en die in de emissie-inventaris volgens Richtlijn 2001/80/EG de beoordeling van het TNP hebben bemoeilijkt, heeft de Commissie bij brief van 11 juni 2013 het Koninkrijk Spanje verzocht de vastgestelde verschillen te verduidelijken. De Commissie heeft het Koninkrijk Spanje eveneens verzocht om de bijdrage van installatie 5 aan het TNP-plafond voor SO2 te herberekenen.

(5) Het Koninkrijk Spanje heeft aanvullende informatie bij de Commissie ingediend bij brief van 28 juni 2013, ter verduidelijking van de verschillen tussen de gegevens in het TNP en die in de emissie-inventaris van 2009 volgens Richtlijn 2001/80/EG. Ook heeft het Koninkrijk Spanje in deze brief aangegeven dat de bijdrage van installatie 5 aan het TNP-plafond voor SO2 niet hoefde te worden herzien.

(6) Na verdere beoordeling van het TNP en de door het Koninkrijk Spanje ingediende aanvullende informatie, heeft de Commissie op 19 september 2013 het Koninkrijk Spanje een tweede schrijven gestuurd, waarin zij haar standpunt bevestigde over het gebruik van het minimumpercentage voor ontzwaveling als basis voor de berekening van de bijdrage van installatie 5 aan het TNP-plafond voor SO2. Voorts heeft de Commissie opgemerkt dat het Koninkrijk Spanje voor de berekening van de bijdrage van installatie 2 aan het TNP-plafond voor 2016 een SO2-emissiegrenswaarde van 800 mg/Nm3 had gehanteerd op grond van artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2001/80/EG, dat volgens de Commissie in dit verband niet van toepassing is. De Commissie heeft daarnaast vastgesteld dat voor de berekening van de bijdrage van negen installaties aan het TNP-plafond voor 2016 een NOx-emissiegrenswaarde van 1200 mg/Nm3 werd gehanteerd op grond van opmerking 2 bij tabel C.1 in aanhangsel C van de bijlage bij Uitvoeringsverordening 2012/115/EU, maar dat over het gehalte aan vluchtige bestanddelen van de vaste brandstof die in deze installaties wordt gebruikt geen informatie werd verstrekt ter rechtvaardiging van de toepassing van die opmerking. De Commissie heeft het Koninkrijk Spanje ook verzocht om aanvullende informatie over de voor elke installatie in het TNP voorziene maatregelen met het oog op de tijdige naleving van de emissiegrenswaarden die vanaf 1 juli 2020 van toepassing zullen zijn. Ten slotte heeft de Commissie het Koninkrijk Spanje verzocht om aanvullende gegevens voor stookinstallaties die met diverse brandstoffen worden gestookt of die bestaan uit verschillende soorten installaties, over de hoeveelheid gebruikte brandstof, de emissiegrenswaarden, het gemiddelde rookgasdebiet en de omrekeningsfactoren — met betrekking tot elk van de gebruikte brandstoffen of elk van de soorten installaties afzonderlijk.

(7) Bij brief van 30 september 2013, aangevuld bij brief van 10 oktober 2013, heeft het Koninkrijk Spanje de vragen van de Commissie beantwoord en aanvullende gegevens verstrekt. Met betrekking tot installatie 2 herhaalde het Koninkrijk Spanje zijn standpunt dat de gehanteerde SO2-emissiegrenswaarde niet hoefde te worden gewijzigd, aangezien het van oordeel was dat artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2001/80/EG in dit verband van toepassing was. Met betrekking tot installatie 5 bleef het Koninkrijk Spanje betogen dat het gerechtigd was de methode op basis van het minimumpercentage voor ontzwaveling te combineren met de methode op basis van de emissiegrenswaarde. Het Koninkrijk Spanje heeft informatie verstrekt over het gehalte aan vluchtige bestanddelen van de vaste brandstof die gedurende de periode 2001-2010 werd gebruikt in de negen installaties waarvan de bijdrage aan het plafond voor 2016 was berekend op basis van een NOx-emissiegrenswaarde van 1200 mg/Nm3; hieruit bleek dat uitsluitend voor de installaties 3, 4 en 19 het gemiddelde jaarlijkse gehalte aan vluchtige bestanddelen van de gebruikte vaste brandstof minder dan 10 % bedroeg in elk jaar van de periode 2001-2010, terwijl het gemiddelde jaarlijkse niveau voor de installaties 13, 15, 17, 18, 24 en 25 in een of meer jaren hoger lag dan 10 %. Het Koninkrijk Spanje betoogde dat de gemiddelde waarde van het gehalte aan vluchtige bestanddelen voor alle negen installaties in de gehele referentieperiode (2001-2010) minder bedroeg dan de in opmerking 2 bij tabel C.1 in aanhangsel C van de bijlage bij Uitvoeringsverordening 2012/115/EU vermelde waarde.

(8) Op basis van de informatie die de Commissie op 30 september 2013 en 10 oktober 2013 van de Spaanse overheid heeft ontvangen, heeft zij opgemerkt dat het voor stookinstallaties op diverse brandstoffen waarbij voor elke gebruikte brandstof emissiegrenswaarden zijn verstrekt, en voor één installatie waarvoor een gemiddelde emissiegrenswaarde is verstrekt voor alle gebruikte brandstoffen, noodzakelijk is om toe te lichten hoe voor deze installaties de bijdrage aan het totale plafond van elke installatie is berekend; daarbij moet de emissiegrenswaarde en het gemiddelde jaarlijkse rookgasdebiet worden vermeld voor elke brandstof waarmee deze installaties worden gestookt.

(9) Na de definitieve beoordeling van het TNP dat het Koninkrijk Spanje heeft meegedeeld en waarin de in bijlage I bij dit besluit genoemde grote stookinstallaties zijn opgenomen, zoals gewijzigd in overeenstemming met de aanvullende informatie, heeft de Commissie vastgesteld dat de volgende drie kernelementen niet in overeenstemming zijn met de toepasselijke bepalingen:

met betrekking tot installatie 2 acht de Commissie het niet wenselijk de emissiegrenswaarde van 800 mg/Nm3 voor SO2 op grond van artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2001/80/EG toe te passen voor de berekening van de bijdrage van deze installatie aan het TNP-plafond voor 2016, aangezien niet naar die emissiegrenswaarde wordt verwezen in artikel 32, lid 3, tweede alinea, van Richtlijn 2010/75/EU;

met betrekking tot installatie 5 acht de Commissie het niet wenselijk de bijdrage van deze installatie aan het TNP-plafond voor SO2 te berekenen aan de hand van een combinatie van de methode op basis van het minimumpercentage voor ontzwaveling en de methode op basis van de emissiegrenswaarde;

met betrekking tot de installaties 13, 15, 17, 18, 24 en 25 acht de Commissie het niet wenselijk de emissiegrenswaarde van 1200 mg/Nm3 voor NOx toe te passen voor de berekening van de bijdrage van deze installaties aan het TNP-plafond voor 2016, aangezien niet is voldaan aan de toepassingsvoorwaarden van deze emissiegrenswaarde, zoals vastgesteld in opmerking 2 bij tabel C.1 in aanhangsel C van de bijlage bij Uitvoeringsverordening 2012/115/EU.

(10) Bovendien heeft de Commissie met betrekking tot diverse installaties in het TNP vastgesteld dat de informatie nog steeds inconsistent is en/of ontbrekende gegevens moeten worden aangevuld. De volledige lijst van ontbrekende gegevens en verzoeken om verduidelijking is opgenomen in bijlage II bij dit besluit.

(11) Het TNP dat het Koninkrijk Spanje heeft meegedeeld, kan derhalve niet worden aanvaard,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Het nationale plan voor de overgangsfase dat het Koninkrijk Spanje op 14 december 2012 aan de Commissie heeft meegedeeld uit hoofde van artikel 32, lid 5, van Richtlijn 2010/75/EU en waarin de in bijlage I bij dit besluit genoemde grote stookinstallaties zijn opgenomen, is niet in overeenstemming met de vereisten van artikel 32, leden 1, 3 en 4, van Richtlijn 2010/75/EU en van Uitvoeringsverordening 2012/115/EU, en wordt derhalve niet aanvaard.

2. Indien het Koninkrijk Spanje voornemens is een nationaal plan voor de overgangsfase uit hoofde van artikel 32, lid 5, uit te voeren, treft het alle nodige maatregelen om in een gewijzigde versie van het plan de volgende elementen te regelen:

a) met betrekking tot installatie 2: de correctie van de emissiegrenswaarde die wordt toegepast voor de berekening van de bijdrage van deze installatie aan het SO2-plafond voor 2016; voor de berekening van de bijdrage van de installatie aan het TNP-plafond voor 2016 komt voor deze installatie het gebruik op grond van artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2001/80/EG van de emissiegrenswaarde van 800 mg/Nm3 voor SO2 niet in aanmerking, aangezien niet naar die emissiegrenswaarde wordt verwezen in artikel 32, lid 3, tweede alinea, van Richtlijn 2010/75/EU;

b) met betrekking tot installatie 5: de correctie van de berekeningsmethode van de bijdrage van deze installatie aan het TNP-plafond voor SO2 voor 2016; die bijdrage wordt voor de gehele periode 2001-2010 ofwel op basis van het minimumpercentage voor ontzwaveling, ofwel op basis van de emissiegrenswaarden berekend;

c) met betrekking tot de installaties 13, 15, 17, 18, 24 en 25: de correctie van de emissiegrenswaarden die worden toegepast voor de berekening van de bijdrage van deze installaties aan het NOx-plafond voor 2016; om voor deze installaties de emissiegrenswaarde van 1200 mg/Nm3 te kunnen hanteren, toont het Koninkrijk Spanje aan dat het jaarlijkse gemiddelde gehalte aan vluchtige bestanddelen van de vaste brandstof die in de installaties wordt gebruikt, lager lag dan 10 % in de referentiejaren voor het TNP;

d) de correcte bijwerking van de totale emissieplafonds, voor alle jaren berekend volgens de in de voorgaande punten vermelde gecorrigeerde waarden;

e) de verduidelijking van alle kwesties en de aanvulling van de gegevens, zoals bedoeld in bijlage II bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot het Koninkrijk Spanje.

Gedaan te Brussel, 17 december 2013. Voor de Commissie Janez Potočnik Lid van de Commissie

ANNEX

BIJLAGE I LIJST VAN DE IN HET TNP OPGENOMEN INSTALLATIES

Nummer Naam van de installatie in het TNP Totaal nominaal thermisch vermogen op 31.12.2010 (MW) 1 C.T. Litoral I 1222 2 C.T. Litoral II 1268 3 C.T. Compostilla I (G2 en 3) 1332 4 C.T. Compostilla I (G4 en 5) 1960 5 C.T. As Pontes 3800 6 C.T. Teruel (Andorra) 3000 7 C.T. Besós 3 (CTCC) 722 8 C.T. San Roque (G2) (CTCC) 711 9 C.T. Foix 1315 10 C.T. Los Barrios 1645 11 C.T. Puentenuevo 976 12 C.T. Tarragona I (CTCC) 676 13 C.T. Anllares 953 14 C.T. La Robla I 691 15 C.T. La Robla II 951 16 C.T. Meirama 1437 17 C.T. Narcea I 193 18 C.T. Narcea II 459 19 C.T. Narcea III 993 20 C.T. Aboño I 919 21 C.T. Aboño II 1364 22 C.T. Soto III 830 23 C.T. de Lada 4 986 24 C.T. de Velilla 1 430 25 C.T. de Velilla 2 1010 26 Central GICC Puertollano 670 27 San Ciprián I 147 28 San Ciprián II 147 29 San Ciprián IIII 147 30 Cogecan 93 31 Sniace Co-generation I 126 32 Sniace Co-generation II 126 33 Solal 146 34 Solvay I 376

BIJLAGE II LIJST VAN DE IN ARTIKEL 1, LID 2, ONDER E), BEDOELDE GEGEVENS 1.2.3.

Met betrekking tot installatie 6, waarvoor een ontzwavelingspercentage van 92 % voor 2016 wordt gehanteerd, wordt verduidelijkt of is voldaan aan de toepassingsvoorwaarden van deze waarde, zoals vastgesteld in tabel C.3 in aanhangsel C van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2012/115/EU (een contract voor de inrichting van een rookgasontzwavelings- of kalkinjectie-installatie is gesloten, en de desbetreffende werkzaamheden zijn vóór 1 januari 2001 begonnen). Met betrekking tot de installaties 1, 2, 3, 4, 6, 13, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 30 en 34, wordt verduidelijkt hoe de bijdrage van deze installaties aan de totale plafonds van het TNP werd berekend. Met betrekking tot installatie 34 worden afzonderlijke gegevens over het rookgasdebiet verstrekt voor elke brandstof waarmee deze installatie wordt gevoed.

Versions

  1. 2013-08-21
  2. 2013-12-17