Gelex

Uitvoeringsbesluit (GBVB) 2019/763 van de Raad van 13 mei 2019 tot uitvoering van Besluit 2013/798/GBVB betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek

In forceVersion 2019-05-13from 2019-05-14
Grade B

mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.

Ask Gelex about this law

Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2019/763@2019-05-13/nl

Contents
  1. Preamble
    1. Artikel 1
    2. Artikel 2
  2. ANNEX
  3. BIJLAGE

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 31, lid 2,

Gezien Besluit 2013/798/GBVB van de Raad van 23 december 2013 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek, en met name artikel 2 quater,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Raad heeft op 23 december 2013 Besluit 2013/798/GBVB vastgesteld.

(2) Het Comité van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, ingesteld krachtens Resolutie 2127 (2013) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, heeft op 18 april 2019 de gegevens met betrekking tot één persoon die aan beperkende maatregelen onderworpen is, geactualiseerd.

(3) De bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 13 mei 2019. Voor de Raad De voorzitter F. Mogherini

ANNEX

BIJLAGE

In deel A (Personen) van de bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB, wordt de vermelding met betrekking tot de onderstaande persoon vervangen door de volgende vermelding:

12. Abdoulaye HISSENE (alias: a) Abdoulaye Issène; b) Abdoulaye Hissein; c) Hissene Abdoulaye; d) Abdoulaye Issène Ramadane; e) Abdoulaye Issene Ramadan; f) Issene Abdoulaye) Geboortedatum: a) 1967; b) 1 januari 1967 Geboorteplaats: a) Ndele, Bamingui-Bangoran, Centraal-Afrikaanse Republiek; b) Haraze Mangueigne, Tsjaad Nationaliteit: a) Centraal-Afrikaanse Republiek; b) Tsjaad Paspoortnummer: diplomatiek paspoort nr. D00000897 van de CAR, afgegeven op 5 april 2013 (geldig tot 4 april 2018) Nationaal identificatienr.: nationale identiteitskaart van Tsjaad nr. 103-00653129-22, afgegeven op 21 april 2009 (geldig tot 21 april 2019) Adres: a) KM5, Bangui, Centraal-Afrikaanse Republiek; b) Nana-Grebizi, Centraal-Afrikaanse Republiek; c) Ndjari, Ndjamena, Tsjaad Datum plaatsing op de VN-lijst: 17 mei 2017 Overige informatie: Hissène was voorheen minister van Jeugd en Sport en kabinetslid van voormalig president Michel Djotodia van de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR). Daarvoor was hij de leider van de Convention of Patriots for Justice and Peace, een politieke partij. Hij wierp zich ook op tot leider van gewapende milities in Bangui, met name in de PK5-wijk (3e district). Naam van de vader: Abdoulaye. Naam van de moeder: Absita Moussa. Foto beschikbaar voor opname in de speciale kennisgeving van Interpol/VN-Veiligheidsraad. Weblink speciale kennisgeving van Interpol/VN-Veiligheidsraad: https://www.interpol.int/en/notice/search/un/6098910 Informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité: Abdoulaye Hissène is op 17 mei 2017 op grond van de punt 16 en punt 17, onder g), van Resolutie 2339 (2017) op de lijst geplaatst omdat hij handelingen verricht of steunt die de vrede, de stabiliteit of de veiligheid in de CAR ondermijnen, waaronder handelingen die het politieke overgangsproces of het stabilisatie- en verzoeningsproces bedreigen of verhinderen, of die het geweld aanwakkeren; en omdat hij betrokken is bij het beramen, aansturen, steunen of plegen van aanslagen tegen missies van de Verenigde Naties of internationale veiligheidstroepen, waaronder Minusca, de missies van de Europese Unie en de Franse operaties die hen ondersteunenf. Aanvullende informatie: Abdoulaye Hissène en andere leden van de ex-Séléka werkten samen met anti-Balaka-plunderaars die geallieerd waren met voormalig president François Bozizé van de Centraal-Afrikaanse Republiek, onder wie Maxime Mokom, om gewelddadige protestacties en rellen aan te moedigen in september 2015, bij de mislukte staatsgreep die de regering van de toenmalige interim-president Catherine Samba-Panza ten val moest brengen terwijl zij de Algemene Vergadering van de VN van 2015 bijwoonde. Mokom, Hissène en anderen werden door de Centraal-Afrikaanse regering aangeklaagd voor verschillende misdrijven, waaronder moord, brandstichting, foltering, en plundering, in de nasleep van de mislukte staatsgreep. In 2015 werd Hissène een van de belangrijkste leiders van gewapende milities in de PK5-wijk van Bangui, die meer dan honderd man sterk waren. Hij heeft als zodanig de vrijheid van verkeer en de terugkeer van het staatsgezag in het gebied verhinderd, onder meer via illegale belasting van vervoer en commerciële activiteiten. In de tweede helft van 2015 trad Hissène op als vertegenwoordiger van de ex-Séléka Nairobisten in Bangui in een toenaderingspoging tot anti-Balaka-strijders onder Mokom. Gewapende mannen onder leiding van Haroun Gaye en Hissène namen deel aan de gewelddadige gebeurtenissen in Bangui tussen 26 september en 3 oktober 2015. Leden van de groep van Hissène worden verdacht van betrokkenheid bij een aanslag op 13 december 2015 — de dag van het grondwettelijk referendum — op het voertuig van Mohamed Moussa Dhaffane, leider van de ex-Séléka. Hissène wordt beschuldigd van het orkestreren van geweld in het KM5-district van Bangui waarbij vijf mensen om het leven kwamen en twintig gewonden vielen, en waarbij ingezetenen belet werden te gaan stemmen voor het referendum over de grondwet. Hissène bracht de verkiezingen in gevaar door het op gang brengen van een spiraal van vergeldingsacties tussen verschillende groepen. Op 15 maart 2016 werd Hissène aangehouden door de politie op de M'Poko-luchthaven in Bangui en overgebracht naar de afdeling onderzoek en opsporing van de nationale gendarmerie. Vervolgens werd hij op gewelddadige manier bevrijd door zijn militie, die een wapen stal dat eerder was overgedragen door Minusca in het kader van een verzoek om vrijstelling dat door het Comité was goedgekeurd. Op 19 juni 2016, na de arrestatie van islamitische handelaren door binnenlandse veiligheidstroepen in PK 12, ontvoerden milities van Gaye en Hissène vijf agenten van de nationale politie in Bangui. Op 20 juni trachtte Minusca de politieagenten te bevrijden. Er waren schotenwisselingen tussen gewapende mannen onder leiding van Hissène Gaye en de vredeshandhavers die probeerden de gijzelaars te bevrijden. Daarbij kwamen ten minste zes personen om en raakte één vredeshandhaver gewond. Op 12 augustus 2016 nam Hissène de leiding van een konvooi van zes voertuigen met zwaarbewapende manschappen. Het konvooi, dat Bangui ontvluchtte, werd ten zuiden van Sibut door Minusca onderschept. Het konvooi, dat onderweg was naar het noorden, en interne veiligheidstroepen beschoten elkaar bij verschillende controlepunten. Uiteindelijk werd het 40 km ten zuiden van Sibut tegengehouden door Minusca. Na verscheidene vuurgevechten nam Minusca elf van de mannen gevangen, maar Hissène en verscheidene anderen konden ontkomen. Enkele van de aangehoudenen vertelden aan Minusca dat Hissène de leider was van het konvooi, dat tot doel had Bria te bereiken en deel te nemen aan de vergadering van ex-Séléka-groepen georganiseerd door Nourredine Adam. In augustus en september 2016 reisde het deskundigenpanel tweemaal naar Sibut om de bezittingen van het konvooi van Hissène, Gaye en Hamit Tidjani, die op 13 augustus door Minusca in beslag waren genomen, te inspecteren. Het panel inspecteerde eveneens de munitie die op 16 augustus in het huis van Hissène in beslag was genomen. Dodelijke en niet-dodelijke militaire uitrusting werd aangetroffen in de zes voertuigen en bij de aangehoudenen. Op 16 augustus 2016 viel de centrale gendarmerie het huis van Hissène in Bangui binnen. Daar werden meer dan 700 wapens aangetroffen. Op 4 september 2016 opende een groep ex-Séléka-rebellen die op zes motoren uit Kaga-Bandoro kwamen om Hissène en zijn trawanten op te halen, in de buurt van Dékoa het vuur op Minusca. Tijdens dit incident werd één ex-Séléka-strijder gedood, en raakten twee vredeshandhavers en één burger gewond..

Versions

  1. 2019-05-13