Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/1456 van de Commissie van 10 juni 2022 tot vaststelling van een afwijking van artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de invoervoorwaarden voor het binnenbrengen in de Unie van houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika, onder toezicht van het Amerikaanse Ministerie van Defensie, die vóór 1 september 2007 zijn vervaardigd
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/act/2022/1456@2022-06-10/nl
Contents
- Preamble
- Artikel 1 Machtiging om af te wijken en voorwaarden voor de munitiekisten
- Artikel 2 Aanmeldingsverplichting
- Artikel 3 Controles door de bevoegde autoriteiten
- Artikel 4 Opslag en vervoer van de kisten
- Artikel 5 Kennisgeving van niet-naleving
- Artikel 6 Rapportage over de invoer
- Artikel 7 Vervaldatum
- Artikel 8 Inwerkingtreding
- ANNEX
- BIJLAGE Voorwaarden voor het binnenbrengen van de in artikel 1 bedoelde munitiekisten
- 4. a)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen plaagorganismen bij planten, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 228/2013, (EU) nr. 652/2014 en (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van de Richtlijnen 69/464/EEG, 74/647/EEG, 93/85/EEG, 98/57/EG, 2000/29/EG, 2006/91/EG en 2007/33/EG van de Raad, en met name artikel 43, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Krachtens Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/179 van de Commissie zijn de lidstaten gemachtigd een tijdelijke afwijking toe te staan van een aantal bepalingen van Richtlijn 2000/29/EG van de Raad ten aanzien van speciale voorwaarden betreffende het binnenbrengen in de Unie van houten verpakkingsmateriaal vervaardigd uit naaldbomen (Pinopsida) in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika, onder toezicht van het Amerikaanse Ministerie van Defensie. Aangezien dit besluit op 31 december 2020 is vervallen, moeten nieuwe regels worden vastgesteld om ook in de toekomst het binnenbrengen van dergelijke munitiekisten onder bepaalde voorwaarden mogelijk te maken.
(2) Artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2016/2031 bevat specifieke voorschriften voor het binnenbrengen in de Unie van houten verpakkingsmateriaal, dat moet voldoen aan de internationale norm voor fytosanitaire maatregelen nr. 15 (ISPM 15): Regulation of Wood Packaging Material in International Trade (reglementering inzake houten verpakkingsmateriaal in het internationale handelsverkeer), waarbij wordt gewaarborgd dat het houten verpakkingsmateriaal een goedgekeurde fytosanitaire behandeling heeft ondergaan.
(3) Bepaalde houten verpakkingsmaterialen van naaldbomen (Pinopsida) in de vorm van kisten die worden gebruikt voor het vervoer van munitie en die vóór 1 september 2007 in de Verenigde Staten van Amerika zijn vervaardigd, hebben behandelingen ondergaan die niet in overeenstemming zijn met de toepasselijke voorschriften van bijlage I bij ISPM 15 en voldoen derhalve niet aan de voorwaarden van artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2016/2031.
(4) Op 7 september 2018 hebben de Verenigde Staten van Amerika verzocht om verlenging van de afwijking uit hoofde van Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/179 voor houten verpakkingsmateriaal van zachthout en om uitbreiding van het toepassingsgebied van de afwijking tot houten verpakkingsmateriaal van hardhout. De Verenigde Staten van Amerika hebben bij bovengenoemd verzoek een dossier gevoegd dat een vervolg vormt op een eerdere analyse van het Amerikaanse Ministerie van Defensie over het binnenbrengen van munitiekisten van zachthout, waarbij dit dossier wordt aangevuld met een analyse over het binnenbrengen van munitiekisten van hardhout.
(5) Op basis van de door de Verenigde Staten van Amerika verstrekte informatie en na overleg met de desbetreffende deskundigengroep over een afwijking voor het binnenbrengen in de Unie van houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten uit de Verenigde Staten van Amerika heeft de Commissie geconcludeerd dat de in overweging 3 bedoelde kisten, zowel die van zachthout als die van hardhout, die gebruikt worden voor het vervoer van munitie, geen risico vormen op de verspreiding van plantenplagen, mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Deze voorwaarden hebben betrekking op de productiedatum van die munitiekisten, de afwezigheid of de beperkte aanwezigheid van schors, de behandeling en reparatie van dergelijke kisten alsmede de opslag en het vervoer ervan.
(6) Deze afwijking mag alleen van toepassing zijn op houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika die vóór 1 september 2007 zijn vervaardigd, aangezien de na die datum vervaardigde kisten een behandeling hebben ondergaan overeenkomstig ISPM 15.
(7) Daarom moet worden toegestaan dat dergelijk houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika, zowel van zachthout als van hardhout, op het grondgebied van de Unie wordt binnengebracht, opgeslagen en vervoerd, voor zover het voldoet aan de voorwaarden van deze verordening.
(8) Om doeltreffende controles en een overzicht van de potentiële fytosanitaire risico’s te waarborgen, moet elke exploitant die houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika verplaatst of opslaat, na de desbetreffende controles de respectieve bevoegde autoriteit in kennis stellen van de verplaatsing of opslag van de betrokken kisten.
(9) Om ervoor te zorgen dat snel kan worden gereageerd op mogelijke fytosanitaire risico’s van houten verpakkingsmateriaal in de vorm van munitiekisten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika, moeten de lidstaten elkaar en de Commissie onmiddellijk in kennis stellen wanneer zij kennis krijgen van een zending die niet voldoet aan de in deze verordening vastgestelde voorschriften betreffende de voorwaarden voor het binnenbrengen in de Unie. Zij moeten de Commissie en de andere lidstaten bovendien jaarlijks informatie verstrekken over de invoer, zodat de toepassing van deze verordening kan worden beoordeeld.
(10) De voorwaarden voor de bij deze verordening ingevoerde afwijking moeten van toepassing zijn tot en met 31 juli 2025, zodat de uitvoering van de maatregelen ervan kan worden geëvalueerd en kan worden onderzocht of hiermee het fytosanitaire risico van de invoer van dat houten verpakkingsmateriaal doeltreffend wordt aangepakt.
(11) Aangezien Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/179 reeds op 31 december 2020 is verstreken, moet deze uitvoeringsverordening in werking treden op de derde dag na de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie zodat dit houten verpakkingsmateriaal zo snel mogelijk in de Unie kan worden binnengebracht.
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1 Machtiging om af te wijken en voorwaarden voor de munitiekisten
Houten verpakkingsmateriaal in de vorm van kisten die daadwerkelijk worden gebruikt voor het vervoer van munitie, die vóór 1 september 2007 zijn vervaardigd en van oorsprong zijn uit de Verenigde Staten van Amerika en die onder toezicht van het Amerikaanse Ministerie van Defensie staan (de kisten), is vrijgesteld van de vereisten van artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2016/2031, mits:
a) de kisten voldoen aan de in de bijlage bij deze verordening vermelde voorwaarden, en
b) aan de voorschriften van de artikelen 2, 3 en 4 is voldaan.
Artikel 2 Aanmeldingsverplichting
1. Ten minste vijf werkdagen vóór het voorgenomen binnenbrengen van een zending als bedoeld in artikel 1 stelt de importeur de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van de plaats van binnenkomst in kennis van zijn intentie om de zending binnen te brengen. Binnen dezelfde termijn verstrekt de importeur dezelfde kennisgeving aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van de plaats van eerste opslag, indien verschillend van de plaats van binnenkomst.
2. De in lid 1 bedoelde kennisgeving omvat volgende elementen:
a) de datum waarop de zending zal worden binnengebracht;
b) een inventaris van de betrokken zending met identificatie van de kisten die daar deel van uitmaken;
c) de naam en het adres van de importeur;
d) de plaats van binnenkomst van de zending;
e) het adres van de plaats van eerste opslag, indien verschillend van de plaats van binnenkomst.
Artikel 3 Controles door de bevoegde autoriteiten
1. De bevoegde autoriteiten van de lidstaat van de plaats van binnenkomst controleren de aanwezigheid en de volledigheid van het in punt 7 van de bijlage beschreven document. Zij controleren ook of een representatief monster van elke zending voldoet aan de volgende punten van de bijlage:
a) punten 1) en 2) betreffende de merktekens;
b) punt 3) betreffende gerepareerde kisten;
c) punt 4) betreffende de afwezigheid van bast;
d) punt 5) betreffende het vochtgehalte;
2. Wanneer de plaats van eerste opslag verschilt van de plaats van binnenkomst, voeren, in afwijking van lid 1, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van de plaats van eerste opslag de in dat lid beschreven controles uit.
Artikel 4 Opslag en vervoer van de kisten
1. Zowel voor als na de in artikel 3 bedoelde controles worden de kisten in gesloten gebouwen opgeslagen.
2. Het vervoer van de kisten mag alleen plaatsvinden in gesloten containers of onder volledig afschermende bedekking.
Artikel 5 Kennisgeving van niet-naleving
De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten in kennis van iedere zending die niet voldoet aan de in de bijlage vervatte voorwaarden. De kennisgeving geschiedt uiterlijk drie werkdagen na de datum waarop de bevoegde autoriteit dergelijke zending heeft bemerkt.
Artikel 6 Rapportage over de invoer
Uiterlijk op 31 januari van elk jaar verstrekt de lidstaat van de plaats van eerste opslag de Commissie en de andere lidstaten informatie over het aantal zendingen dat op haar grondgebied is binnengebracht en een verslag over de in artikel 3 bedoelde controles die tussen 1 januari en 31 december van het voorgaande jaar werden uitgevoerd.
Artikel 7 Vervaldatum
Deze verordening vervalt op 31 juli 2025.
Artikel 8 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 10 juni 2022. Voor de Commissie De voorzitter Ursula von der Leyen
ANNEX
BIJLAGE Voorwaarden voor het binnenbrengen van de in artikel 1 bedoelde munitiekisten
De in artikel 1 bedoelde kisten moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:
1. zij zijn voorzien van een merkteken waaruit blijkt dat zij uiterlijk op 31 augustus 2007 zijn vervaardigd;
2. zij zijn voorzien van een merkteken waaruit blijkt dat zij zijn behandeld met een door het Environmental Protection Agency van de Verenigde Staten van Amerika goedgekeurd houtconserveringsmiddel;
3. indien de kisten na vervaardiging werden gerepareerd, voldoet het hout dat voor dat doel werd gebruikt aan de voorwaarden van artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2016/2031;
4. de kisten zijn gemaakt van hout. Dat hout moet volledig van de bast zijn ontdaan of alleen visueel afzonderlijke en duidelijk te onderscheiden stukjes bast bevatten. Die stukjes bast moeten aan een van de volgende vereisten voldoen:
4. a)
zij zijn minder dan 3 cm breed (ongeacht de lengte);
b)
indien zij groter dan 3 cm zijn, is de totale oppervlakte van elk afzonderlijk stuk bast kleiner dan 50 cm2;
5. hun vochtgehalte bedraagt niet meer dan 20 %;
6. zij werden steeds opgeslagen in gesloten gebouwen en vervoerd in gesloten containers of onder volledig afschermende bedekking;
7. zij zijn voorzien van een begeleidend document dat is afgegeven door het Amerikaanse Ministerie van Defensie, waarin de naleving van de in de punten 4), 5) en 6) vervatte voorwaarden wordt bevestigd.