Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/442 van de Commissie van 24 januari 2024 inzake het verzoek tot registratie van het Europees burgerinitiatief Ban on conversion practices in the European Union (Verbod op conversiepraktijken in de Europese Unie) op grond van Verordening (EU) 2019/788 van het Europees Parlement en de Raad (Kennisgeving geschied onder nummer C(2024) 344) (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
Grade B
mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.
Address https://gelex.eu/eli/EU/decision/2024/442@2024-01-24/nl
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2019/788 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende het Europees burgerinitiatief, en met name artikel 6, leden 2 en 3,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Op 27 november 2023 is bij de Commissie een verzoek tot registratie van het Europees burgerinitiatief Ban on conversion practices in the European Union (Verbod op conversiepraktijken in de Europese Unie) ingediend.
(2) De doelstelling van het initiatief, zoals verwoord door de organisatoren, is de Commissie te verzoeken een voorstel te doen tot een bindend wettelijk verbod op conversiepraktijken die gericht zijn op lhbtq+-burgers in de Europese Unie. In het initiatief worden deze praktijken gedefinieerd als interventies die gericht zijn op het veranderen, verdringen of onderdrukken van de seksuele gerichtheid, genderidentiteit en/of genderexpressie van lhbtq+-personen. De organisatoren zijn van mening dat de Commissie: een richtlijn moet voorstellen waarbij conversiepraktijken aan de lijst van EU-misdrijven worden toegevoegd en/of de bestaande richtlijn inzake gelijkheid (2008) moet wijzigen om daarin een verbod op deze praktijken op te nemen; een niet-bindende resolutie moet aannemen waarin wordt opgeroepen tot een algemeen verbod op conversiepraktijken in de Unie, en Richtlijn 2012/29/EU van het Europees Parlement en de Raad moet wijzigen om dergelijke minimumnormen vast te stellen voor slachtoffers van conversiepraktijken. De organisatoren verklaren ook dat alle lidstaten een verbod op conversiepraktijken moeten invoeren of hun huidige verbod moeten herzien.
(3) Nadere details over het onderwerp, de doelstellingen en de achtergrond van het initiatief zijn in een bijlage opgenomen. Daarin wordt uitgelegd dat conversiepraktijken bestaan uit een breed scala aan mentale en fysieke manipulaties, psychohypnotische indoctrinaties (die meestal aan het publiek worden gepresenteerd als therapieën), medische en homeopathische ingrepen, uitdrijvingen en andere behandelingen die tot doel hebben de seksuele gerichtheid en genderidentiteit en -expressie te veranderen. De bijlage bevat ook gegevens uit een aantal verslagen, op basis waarvan de organisatoren berekenen dat ruwweg 5 % van de lhbtq+-burgers van de EU onder druk is gezet om conversiepraktijken te ondergaan. De organisatoren vermelden ook de aanbevelingen voor een verbod op conversiepraktijken uit het verslag Conversion Practices on LGBT + People uit 2023, dat in opdracht van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken van het Europees Parlement is opgesteld.
(4) Wat de doelstellingen van het initiatief betreft, zou de Commissie een voorstel voor een aanbeveling van de Raad kunnen aannemen waarin wordt opgeroepen tot een verbod op conversiepraktijken op basis van artikel 83, lid 1, en artikel 292 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) of de artikelen 19 en 292 VWEU.
(5) De Commissie zou ook maatregelen met betrekking tot conversiepraktijken kunnen voorstellen op grond van artikel 19 VWEU, op voorwaarde dat de vereisten van deze bepaling naar behoren worden gemotiveerd en met name dat conversiepraktijken kunnen worden aangemerkt als discriminatie op grond van geslacht of seksuele geaardheid in de zin van dat artikel.
(6) Tot slot kan niet worden uitgesloten dat de Commissie een voorstel zou kunnen doen om bepaalde onvrijwillige conversiepraktijken toe te voegen aan de lijst van EU-misdrijven op grond van artikel 83, lid 1, VWEU, op voorwaarde dat de vereisten van deze bepaling naar behoren worden gemotiveerd en met name op voorwaarde dat dergelijke conversiepraktijken kunnen worden beschouwd als bijzonder zware criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie die voortvloeit uit de aard of de gevolgen van deze strafbare feiten of uit een bijzondere noodzaak om deze op gemeenschappelijke basis te bestrijden.
(7) Wat de vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van conversiepraktijken betreft, zou de Commissie op basis van artikel 82, lid 2, VWEU wijzigingen van Richtlijn 2012/29/EU betreffende de rechten van slachtoffers kunnen voorstellen.
(8) Derhalve vallen volgens de Commissie geen van de onderdelen van het initiatief duidelijk buiten het kader van haar bevoegdheden om een voorstel in te dienen voor een rechtshandeling van de Unie ter uitvoering van de Verdragen.
(9) Deze conclusie doet geen afbreuk aan de beoordeling of in dit geval voldaan is aan de concrete materiële voorwaarden voor optreden van de Commissie, met inbegrip van naleving van het evenredigheidsbeginsel en het subsidiariteitsbeginsel en de verenigbaarheid met de grondrechten.
(10) De groep organisatoren heeft het nodige bewijs verstrekt dat zij aan de vereisten van artikel 5, leden 1 en 2, van Verordening (EU) 2019/788 voldoet en heeft de contactpersonen aangewezen overeenkomstig artikel 5, lid 3, eerste alinea, van die verordening. Speciaal voor het beheer van het initiatief is een juridische entiteit opgericht overeenkomstig artikel 5, lid 7, van Verordening (EU) 2019/788.
(11) Het initiatief is niet kennelijk beledigend, lichtzinnig of ergerlijk en druist niet kennelijk in tegen de in artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde waarden van de Unie, noch tegen de in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie vervatte rechten.
(12) Het initiatief Ban on conversion practices in the European Union (Verbod op conversiepraktijken in de Europese Unie) moet daarom worden geregistreerd.
(13) De conclusie dat aan de voorwaarden voor registratie krachtens artikel 6, lid 3, van Verordening (EU) 2019/788 is voldaan, impliceert geenszins dat de Commissie de feitelijke juistheid van de inhoud van het initiatief bevestigt; deze is de uitsluitende verantwoordelijkheid van de groep organisatoren van het initiatief. De inhoud van het initiatief geeft alleen de standpunten weer van de groep organisatoren en kan in geen geval worden opgevat als een weergave van de standpunten van de Commissie,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het Europees burgerinitiatief Ban on conversion practices in the European Union (Verbod op conversiepraktijken in de Europese Unie) wordt geregistreerd.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de groep organisatoren van het burgerinitiatief Ban on conversion practices in the European Union (Verbod op conversiepraktijken in de Europese Unie), vertegenwoordigd door Mattéo Garguilo en Robin Noël, die als contactpersonen optreden.
Gedaan te Brussel, 24 januari 2024. Voor de Commissie Věra Jourová Vicevoorzitter