Gelex

Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/2150 van de Commissie van 25 september 2026 tot verlening van toestemming aan Tsjechië voor het toelaten van biociden die ethyleenoxide bevatten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed (Kennisgeving geschied onder nummer C(2026) 6691) (Slechts de tekst in de Tsjechische taal is authentiek)

In forceVersion 2026-09-25from 2026-09-29
Grade B

mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.

Ask Gelex about this law

Address https://gelex.eu/eli/EU/decision/2026/2150@2026-09-25/nl

Contents
  1. Preamble
    1. Artikel 1
    2. Artikel 2

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden, en met name artikel 55, lid 3,

Na raadpleging van het Permanent Comité voor biociden,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Ethyleenoxide, een stof van productsoort 2 (desinfecteermiddelen en algiciden die niet rechtstreeks op mens of dier worden gebruikt), zoals gedefinieerd in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012, is opgenomen in het werkprogramma voor systematisch onderzoek van alle bestaande werkzame stoffen in biociden waarnaar in die verordening wordt verwezen en dat is vastgesteld in bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie. Op 1 december 2009 is een aanvraag voor de goedkeuring van ethyleenoxide als stof van productsoort 2 ingediend.

(2) Bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2025/1074 van de Commissie is vastgesteld dat het in de goedkeuringsaanvraag opgenomen representatieve product niet binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) nr. 528/2012 viel en dat ethyleenoxide bijgevolg niet moest worden goedgekeurd als werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 2.

(3) Overeenkomstig artikel 55, lid 3, van Verordening (EU) nr. 528/2012 heeft Tsjechië op 5 februari 2026 een aanvraag voor een afwijking van artikel 19, lid 1, punt a), van die verordening bij de Commissie ingediend, waarin het verzoekt biociden die ethyleenoxide bevatten te mogen toelaten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed.

(4) Volgens de door Tsjechië verstrekte informatie is het gebruik van ethyleenoxide essentieel voor de bescherming van materieel cultureel erfgoed, met name voorwerpen op basis van polysachariden (voornamelijk cellulose) en eiwitten (voornamelijk collageen), zoals archiefmateriaal, bibliotheekcollecties, museumtentoonstellingen, en fotografisch en cinematografisch erfgoed, aangezien het voor zover bekend de enige doeltreffende manier is om de verscheidenheid aan organismen te bestrijden die dergelijke voorwerpen kan beschadigen. Volgens Tsjechië is desinfectie met ethyleenoxide in fumigatiekamers de meest doeltreffende desinfectieprocedure voor de bescherming van materieel cultureel erfgoed, niet alleen omdat collecties zo op grote schaal kunnen worden behandeld, maar met name vanwege de hoge penetratiecapaciteit, de doeltreffendheid over het hele spectrum (tegen bacteriën, virussen, schimmels en sporen, met inbegrip van resistente soorten die niet op andere wijze kunnen worden vernietigd), de lage temperatuur die nodig is voor de behandeling van warmtegevoelige materialen, zoals de meeste organische materialen, en de compatibiliteit met de behandelde materialen, waardoor de materiële schade tot een minimum wordt beperkt.

(5) Volgens Tsjechië zijn er geen geschikte alternatieven voor de behandeling van cultureel erfgoed. Veel chemische alternatieven hebben slechts een fungistatische of bacteriostatische werking, waarmee de groei van micro-organismen tijdelijk wordt geremd, in plaats van een biocidaal effect waarmee deze volledig worden geëlimineerd. Dergelijke methoden dringen onvoldoende door tot volumineuze materialen of hebben negatieve gevolgen voor de stabiliteit en kleur van pigmenten. Volgens Tsjechië is anoxie doeltreffende tegen insecten, maar niet egen schimmel en bacteriën. Gammastraling is een zeer dure en moeilijk te repliceren techniek waarvoor specifieke apparatuur nodig is. Volgens Tsjechië is gammastraling het enige theoretische grootschalige alternatief, maar is aangetoond dat het aanzienlijke afbraak van cellulose veroorzaakt, waardoor de stabiliteit en duurzaamheid van documenten ernstig worden gereduceerd, en kunnen lagetemperatuurtechnieken (bevriezing) de groei van schimmels stoppen, maar werken zij niet tegen sporen.

(6) Zoals Tsjechië in de aanvraag heeft aangegeven, wordt desinfectie met ethyleenoxide alleen uitgevoerd door opgeleid personeel in gespecialiseerde, speciaal daarvoor gebouwde faciliteiten, volgens een strikt en gecontroleerd proces. Na desinfectie wordt een meerfasige ventilatie-/beluchtingsfase uitgevoerd om gasresiduen uit de voorwerpen te verwijderen. Er wordt een hoge mate van veiligheid voor het personeel gewaarborgd door restconcentraties van gedesorbeerd gas in alle stadia van het proces doorlopend te monitoren met behulp van gaschromatografie. Om te voorkomen dat ethyleenoxide in de atmosfeer vrijkomt, is elke installatie uitgerust met een afgasverwijderaar (ook wel bekend als een Abator) die gebruikmaakt van katalytische verbrandingstechnologie om ethyleenoxide te ontbinden tot waterdamp en koolstofdioxide.

(7) Uit de informatie en motivering in de door Tsjechië ingediende aanvraag blijkt dat het gebruik van ethyleenoxide essentieel is voor de bescherming van cultureel erfgoed in Tsjechië en dat er geen passende alternatieven zijn. De alternatieven zijn niet doeltreffend genoeg tegen de doelorganismen of kunnen het behandelde materiaal beschadigen.

(8) Op basis van de door Tsjechië verstrekte informatie en motivering moet worden geconcludeerd dat ethyleenoxide essentieel is voor de bescherming van cultureel erfgoed in Tsjechië en dat er momenteel geen passende alternatieven beschikbaar zijn. Tsjechië moet dan ook toestemming krijgen om biociden die ethyleenoxide bevatten toe te staan ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Tsjechië mag tot en met 31 juli 2031 toestemming verlenen voor de toelating van biociden die ethyleenoxide bevatten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de Tsjechische Republiek.

Gedaan te Brussel, 25 september 2026. Voor de Commissie Olivér Várhelyi Lid van de Commissie

Versions

  1. 2026-09-25