Gelex

Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/2153 van de Commissie van 28 september 2026 tot verlening van toestemming aan Slowakije voor het toelaten van biociden die ethyleenoxide bevatten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed (Kennisgeving geschied onder nummer C(2026) 6723) (Slechts de tekst in de Slowaakse taal is authentiek)

In forceVersion 2026-09-28from 2026-09-29
Grade B

mapped from publisher markup. A grade says how a document's structure was obtained, not how reliable the law is.

Ask Gelex about this law

Address https://gelex.eu/eli/EU/decision/2026/2153@2026-09-28/nl

Contents
  1. Preamble
    1. Artikel 1
    2. Artikel 2

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden, en met name artikel 55, lid 3,

Na raadpleging van het Permanent Comité voor biociden,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Ethyleenoxide, een stof van productsoort 2 (desinfecteermiddelen en algiciden die niet rechtstreeks op mens of dier worden gebruikt), zoals gedefinieerd in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012, is opgenomen in het werkprogramma voor systematisch onderzoek van alle bestaande werkzame stoffen in biociden waarnaar in die verordening wordt verwezen en dat is vastgesteld in bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie. Op 1 december 2009 is een aanvraag voor de goedkeuring van ethyleenoxide als stof van productsoort 2 ingediend.

(2) Bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2025/1074 van de Commissie is vastgesteld dat het in de goedkeuringsaanvraag opgenomen representatieve product niet binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) nr. 528/2012 viel en dat ethyleenoxide bijgevolg niet moest worden goedgekeurd als werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 2.

(3) Overeenkomstig artikel 55, lid 3, van Verordening (EU) nr. 528/2012 heeft Slowakije op 9 december 2025 een aanvraag voor een afwijking van artikel 19, lid 1, punt a), van die verordening bij de Commissie ingediend, waarin het verzoekt biociden die ethyleenoxide bevatten te mogen toelaten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed, waaronder archieferfgoed.

(4) Volgens de door Slowakije verstrekte informatie is het gebruik van ethyleenoxide essentieel voor de bescherming van archieven en ander materieel cultureel erfgoed, aangezien het voor zover bekend de enige doeltreffende manier is om de verscheidenheid aan organismen te bestrijden die dergelijk erfgoed kan beschadigen. Aantasting door micro-organismen is een van de grootste risicofactoren voor bepaalde soorten materieel erfgoed. Biologische verontreinigingen tasten de desbetreffende materialen actief aan, waardoor de functionaliteit van veel materiaal tegelijk afneemt doordat dit minder stevig wordt, van kleur verandert of kleurvlekken krijgt. Volgens Slowakije vormt het toenemende aantal sporen van micro-organismen in de lucht voor mensen die met de desbetreffende materialen omgaan (archivisten, bibliothecarissen, restaurators, onderzoekers of andere werknemers) een aanzienlijk ongunstige factor die leidt tot allergieën, bronchitis en andere ziektelasten. De verspreiding van verontreinigingen vormt een aanzienlijk risico en een bedreiging voor gehele collecties. Als een aangetast voorwerp onvoldoende wordt behandeld, kan het een bron worden voor de verspreiding van de verontreiniging naar andere, nog niet aangetaste voorwerpen in de collectie. Volgens Slowakije kan ongecontroleerde verontreiniging in musea, archieven en galerijen waar voorwerpen dicht bij elkaar worden opgeslagen een domino-effect veroorzaken en snel een groot aantal waardevolle voorwerpen vernietigen.

(5) Volgens Slowakije zijn er geen geschikte alternatieven voor de behandeling van cultureel erfgoed, waaronder archiefmateriaal. Afstoffen en lakken met ethanol is alleen doeltreffend om kleine en oppervlakkige aantasting van archiefmateriaal te verhelpen, maar werkt niet tegen interne aantasting, kan bepaalde inkten en pigmenten doen verkleuren en er is lange en delicate behandeling voor nodig; daarom is dit niet geschikt voor de behandeling van grootschalige aantasting door schimmels. Anoxie is doeltreffende tegen insecten, maar niet tegen schimmel en bacteriën. Gammastraling is een moeilijk te repliceren techniek waarvoor specifieke apparatuur nodig is. Bovendien is aangetoond dat gammastraling aanzienlijke afbraak van cellulose veroorzaakt, waardoor de stabiliteit en duurzaamheid van documenten ernstig worden gereduceerd. Lagetemperatuurtechnieken (bevriezing) kunnen de groei van schimmels stoppen, maar werken niet tegen sporen.

(6) Zoals Slowakije in de aanvraag heeft aangegeven, worden producten die ethyleenoxide bevatten, gebruikt voor fumigatie door opgeleide professionele gebruikers. Vanwege de gevaarlijke eigenschappen van ethyleenoxide wordt desinfectie met producten die ethyleenoxide bevatten uitsluitend uitgevoerd in fumigatiekamers en in gespecialiseerde faciliteiten die voldoen aan strenge veiligheidsvoorschriften en milieunormen. Elk van die speciaal gebouwde faciliteiten bevat een ontbinder (een Abator), waarmee wordt voorkomen dat ethyleenoxide in de atmosfeer vrijkomt. Na desinfectie wordt een voldoende lange ventilatiefase uitgevoerd om gasresiduen uit de voorwerpen te verwijderen. Indien alle controleprocedures, voorschriften en instructies voor het personeel worden gevolgd, is het gebruik van deze technologie veilig.

(7) Uit de informatie en motivering in de door Slowakije ingediende aanvraag blijkt dat het gebruik van ethyleenoxide essentieel is voor de bescherming van cultureel erfgoed en dat er momenteel geen geschikte alternatieven beschikbaar zijn voor de behandeling van cultureel erfgoed in Slowakije, aangezien alle momenteel beschikbare alternatieve technieken nadelen met zich meebrengen, aangezien zij niet doeltreffend genoeg zijn of schade kunnen toebrengen aan de behandelde materialen.

(8) Op basis van de informatie en motivering in de door Slowakije ingediende aanvraag moet worden geconcludeerd dat ethyleenoxide essentieel is voor de bescherming van cultureel erfgoed in Slowakije en dat er momenteel geen passende alternatieven beschikbaar zijn. Slowakije moet dan ook toestemming krijgen om het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden die ethyleenoxide bevatten toe te staan ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Slowakije mag tot en met 31 juli 2031 toestemming verlenen voor de toelating van biociden die ethyleenoxide bevatten ten behoeve van de bescherming van cultureel erfgoed.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de Slowaakse Republiek.

Gedaan te Brussel, 28 september 2026. Voor de Commissie Olivér Várhelyi Lid van de Commissie

Versions

  1. 2026-09-28